<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<!DOCTYPE ead PUBLIC "+//ISBN 1-931666-00-8//DTD ead.dtd (Encoded Archival Description (EAD) Version 2002)//EN" "https://agatha.arch.be/data/dtd/ead.dtd">
<ead><eadheader countryencoding="iso3166-1" dateencoding="iso8601" findaidstatus="complete"><eadid countrycode="be" mainagencycode="BE-A0512">BE-A0512_116313_115012</eadid><filedesc><titlestmt><titleproper>Inventaris van het archief van het Vredegerecht te Antwerpen tweede kanton. Oud bestand, 1797-1857.</titleproper><subtitle/><author>Muys, Eva</author></titlestmt><publicationstmt><publisher>Rijksarchief in Belgïe/Archives Générales de Belgique</publisher><num>R170A</num><date/></publicationstmt></filedesc><profiledesc><creation audience="internal"><date era="ce" calendar="gregorian" normal="2025">2025</date></creation><langusage><language langcode="dut" scriptcode="Latn">Dutch</language></langusage><descrules audience="internal">Based on ISAD(G) ISAD(G): General International Standard Archival Description, Second Edition</descrules></profiledesc><revisiondesc><change><date normal="20251230">2025-12-30</date><item>automatic generation</item></change></revisiondesc></eadheader><archdesc type="inventory" level="fonds"><did><unittitle>VG Antwerpen 2 0000</unittitle><unitdate type="inclusive" era="ce" calendar="gregorian" normal="1797/1857">Jaar VI (1795/1796)-1857</unitdate><unitid repositorycode="BE-A0512" id="BE-A0512_BLOC_116313" countrycode="BE">BE-A0512_BLOC_116313</unitid><repository id="BE-A0512">Rijksarchief te Beveren</repository><physdesc><extent unit="" label="Last finding aid number" type="LN">114</extent><extent unit="m" label="Scope inventorized (linear meters)" type="OG">5,7</extent></physdesc><origination><corpname id="eac-BE-A0500_126522">Vredegerecht te Antwerpen. Tweede kanton.</corpname></origination></did><controlaccess><subject authfilenumber="F9">Justices of the Peace, Police Tribunals and Amtsgerichte</subject></controlaccess><dsc><c level="series" id="S_000000" otherlevel="L_0"><did><unittitle> INVENTARIS VAN HET ARCHIEF VAN HET VREDEGERECHT TE ANTWERPEN TWEEDE KANTON. VG ANTWERPEN TWEEDE KANTON (1) </unittitle></did><c level="series" id="S_000001" otherlevel="L_1"><did><unittitle> I. ALGEMEEN </unittitle></did></c><c level="series" id="S_000002" otherlevel="L_1"><did><unittitle> II. BURGERLIJKE ZAKEN </unittitle></did><c level="series" id="S_000003" otherlevel="L_2"><did><unittitle> A. Bescheiden betreffende de verzoeningsprocedure </unittitle></did></c><c level="series" id="S_000004" otherlevel="L_2"><did><unittitle> B. Bescheiden betreffende de contentieuse rechtsmacht(2) </unittitle></did><c level="subseries" id="SB_000008" otherlevel="L_3"><did><unitid> 1 - 30 </unitid><unittitle> Zittingsbladen, 1811-1813, 1831-1857. Voor de periode 1802/'03 (jaar XI), zie hierna minuten van akten, nr. 37. Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. </unittitle></did><c level="file" id="F_00001_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I1163131150121" identifier="F103527616"> 1 </unitid><unittitle> 1811. <unitdate normal="1811"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00001_000_N00" label="11"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 1 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00002_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I1163131150122" identifier="F103527617"> 2 </unitid><unittitle> 1812. <unitdate normal="1812"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00002_000_N00" label="12"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 2 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00003_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I1163131150123" identifier="F103527618"> 3 </unitid><unittitle> 1813. <unitdate normal="1813"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00003_000_N00" label="13"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 3 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00004_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I1163131150124" identifier="F103527619"> 4 </unitid><unittitle> 1831. <unitdate normal="1831"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00004_000_N00" label="14"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 4 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00005_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I1163131150125" identifier="F103527620"> 5 </unitid><unittitle> 1832. <unitdate normal="1832"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00005_000_N00" label="15"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 5 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00006_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I1163131150126" identifier="F103527621"> 6 </unitid><unittitle> 1833. <unitdate normal="1833"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00006_000_N00" label="16"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 6 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00007_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I1163131150127" identifier="F103527622"> 7 </unitid><unittitle> 1834. <unitdate normal="1834"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00007_000_N00" label="17"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 7 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00008_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I1163131150128" identifier="F103527623"> 8 </unitid><unittitle> 1835. <unitdate normal="1835"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00008_000_N00" label="18"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 8 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00009_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I1163131150129" identifier="F103527624"> 9 </unitid><unittitle> 1836. <unitdate normal="1836"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00009_000_N00" label="19"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 9 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00010_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501210" identifier="F103527625"> 10 </unitid><unittitle> 1837. <unitdate normal="1837"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00010_000_N00" label="20"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 10 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00011_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501211" identifier="F103527626"> 11 </unitid><unittitle> 1838. <unitdate normal="1838"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00011_000_N00" label="21"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 11 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00012_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501212" identifier="F103527627"> 12 </unitid><unittitle> 1839. <unitdate normal="1839"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00012_000_N00" label="22"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 12 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00013_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501213" identifier="F103527628"> 13 </unitid><unittitle> 1840. <unitdate normal="1840"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00013_000_N00" label="23"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 13 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00014_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501214" identifier="F103527629"> 14 </unitid><unittitle> 1841. <unitdate normal="1841"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00014_000_N00" label="24"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 14 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00015_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501215" identifier="F103527630"> 15 </unitid><unittitle> 1842. <unitdate normal="1842"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00015_000_N00" label="25"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 15 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00016_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501216" identifier="F103527631"> 16 </unitid><unittitle> 1843. <unitdate normal="1843"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00016_000_N00" label="26"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 16 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00017_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501217" identifier="F103527632"> 17 </unitid><unittitle> 1844. <unitdate normal="1844"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00017_000_N00" label="27"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 17 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00018_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501218" identifier="F103527633"> 18 </unitid><unittitle> 1845. <unitdate normal="1845"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00018_000_N00" label="28"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 18 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00019_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501219" identifier="F103527634"> 19 </unitid><unittitle> 1846. <unitdate normal="1846"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00019_000_N00" label="29"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 19 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00020_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501220" identifier="F103527635"> 20 </unitid><unittitle> 1847. <unitdate normal="1847"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00020_000_N00" label="30"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 20 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00021_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501221" identifier="F103527636"> 21 </unitid><unittitle> 1848. <unitdate normal="1848"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00021_000_N00" label="31"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 21 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00022_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501222" identifier="F103527637"> 22 </unitid><unittitle> 1849. <unitdate normal="1849"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00022_000_N00" label="32"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 22 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00023_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501223" identifier="F103527638"> 23 </unitid><unittitle> 1850. <unitdate normal="1850"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00023_000_N00" label="33"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 23 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00024_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501224" identifier="F103527639"> 24 </unitid><unittitle> 1851. <unitdate normal="1851"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00024_000_N00" label="34"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 24 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00025_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501225" identifier="F103527640"> 25 </unitid><unittitle> 1852. <unitdate normal="1852"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00025_000_N00" label="35"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 25 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00026_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501226" identifier="F103527641"> 26 </unitid><unittitle> 1853. <unitdate normal="1853"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00026_000_N00" label="36"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 26 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00027_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501227" identifier="F103527642"> 27 </unitid><unittitle> 1854. <unitdate normal="1854"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00027_000_N00" label="37"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 27 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00028_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501228" identifier="F103527643"> 28 </unitid><unittitle> 1855. <unitdate normal="1855"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00028_000_N00" label="38"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 28 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00029_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501229" identifier="F103527644"> 29 </unitid><unittitle> 1856. <unitdate normal="1856"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00029_000_N00" label="39"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 29 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00030_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501230" identifier="F103527645"> 30 </unitid><unittitle> 1857. <unitdate normal="1857"/></unittitle><physdesc> De documenten 1 tot 30 bevinden zich in 3 pakken, 1 omslag en 26 delen. </physdesc><note id="F_00030_000_N00" label="40"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(3). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(4). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(5). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Minuten van vonnissen, 1797/'98 (jaar VI)-1830, zie hierna minuten van akten, nrs. 31-83. (3) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (4) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (5) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 30 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c></c></c><c level="series" id="S_000005" otherlevel="L_2"><did><unittitle> C. Bescheiden betreffende de willige rechtsmacht </unittitle></did><c level="subseries" id="SB_000009" otherlevel="L_3"><did><unitid> 31 - 110 </unitid><unittitle> Minuten van akten, 1797/'98 (jaar VI)-1857. </unittitle></did><c level="file" id="F_00031_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501231" identifier="F103527646"> 31 </unitid><unittitle> 1797/'98 (jaar VI), nrs. 1-140 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1797/1798"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00031_000_N00" label="41"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 31 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00032_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501232" identifier="F103527647"> 32 </unitid><unittitle> 1798/'99 (jaar VII), nrs. 1-23, 1-34, 1-2, 1-10 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1798/1799"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00032_000_N00" label="42"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 32 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00033_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501233" identifier="F103527648"> 33 </unitid><unittitle> 1799/1800 (jaar VIII), nrs. 1-62 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1799/1800"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00033_000_N00" label="43"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 33 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00034_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501234" identifier="F103527649"> 34 </unitid><unittitle> 1800/'01 (jaar IX), nrs. 1-143 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1800/1801"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00034_000_N00" label="44"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 34 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00035_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501235" identifier="F103527650"> 35 </unitid><unittitle> 1801/'02 (jaar X), nrs. 1-159 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1801/1802"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00035_000_N00" label="45"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 35 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00036_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501236" identifier="F103527651"> 36 </unitid><unittitle> 1802 september 25-1803 maart 19 (jaar XI vendémiaire 3-ventôse 28), nrs. 1-172 (met minuten van vonnissen, met zittingsbladen). <unitdate normal="1802/1803"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00036_000_N00" label="46"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 36 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00037_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501237" identifier="F103527652"> 37 </unitid><unittitle> 1803 maart 22-september 20 (jaar XI germinal 1-3de aanvullende dag), nrs. 173-386 (met minuten van vonnissen, met zittingsbladen). <unitdate normal="1802/1803"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00037_000_N00" label="47"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 37 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00038_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501238" identifier="F103527653"> 38 </unitid><unittitle> 1803 oktober 4-1804 februari 23 (jaar XII vendémiaire 11-ventôse 30), nrs. 1-197 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1803/1804"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00038_000_N00" label="48"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 38 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00039_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501239" identifier="F103527654"> 39 </unitid><unittitle> 1804 maart 23-september 21 (jaar XII germinal 2-4de aanvullende dag), nrs. 198-355 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1803/1804"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00039_000_N00" label="49"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 39 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00040_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501240" identifier="F103527655"> 40 </unitid><unittitle> 1804 september 24-1805 maart 21 (jaar XIII vendémiaire 2-ventôse 30), nrs. 1-150 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1804/1805"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00040_000_N00" label="50"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 40 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00041_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501241" identifier="F103527656"> 41 </unitid><unittitle> 1805 maart 26-september 21 (jaar XIII germinal 5-4de aanvullende dag), nrs. 151-303 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1804/1805"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00041_000_N00" label="51"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 41 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00042_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501242" identifier="F103527657"> 42 </unitid><unittitle> 1805 september 23-december 31 (jaar XIV vendémiaire 1-nivôse 10), nrs. 1-99 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1805/1806"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00042_000_N00" label="52"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 42 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00043_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501243" identifier="F103527658"> 43 </unitid><unittitle> 1806, nrs. 100-447 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1806"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00043_000_N00" label="53"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 43 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00044_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501244" identifier="F103527659"> 44 </unitid><unittitle> 1807, nrs. 1-225 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1807"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00044_000_N00" label="54"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 44 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00045_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501245" identifier="F103527660"> 45 </unitid><unittitle> 1808, 1ste semester, nrs. 1-111 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1808"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00045_000_N00" label="55"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 45 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00046_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501246" identifier="F103527661"> 46 </unitid><unittitle> 1808, 2de semester, nrs. 112-247 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1808"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00046_000_N00" label="56"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 46 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00047_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501247" identifier="F103527662"> 47 </unitid><unittitle> 1809, 1ste semester, nrs. 1-126 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1809"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00047_000_N00" label="57"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 47 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00048_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501248" identifier="F103527663"> 48 </unitid><unittitle> 1809, 2de semester, nrs. 127-246 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1809"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00048_000_N00" label="58"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 48 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00049_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501249" identifier="F103527664"> 49 </unitid><unittitle> 1810, 1ste semester, nrs. 1-123 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1810"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00049_000_N00" label="59"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 49 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00050_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501250" identifier="F103527665"> 50 </unitid><unittitle> 1810, 2de semester. nrs. 124-290 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1810"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00050_000_N00" label="60"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 50 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00051_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501251" identifier="F103527666"> 51 </unitid><unittitle> 1811, 1ste semester, nrs. 1-208 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1811"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00051_000_N00" label="61"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 51 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00052_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501252" identifier="F103527667"> 52 </unitid><unittitle> 1811, 2de semester, nrs. 209-345 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1811"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00052_000_N00" label="62"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 52 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00053_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501253" identifier="F103527668"> 53 </unitid><unittitle> 1812, nrs. 1-306 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1812"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00053_000_N00" label="63"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 53 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00054_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501254" identifier="F103527669"> 54 </unitid><unittitle> 1813, nrs. 318-1 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1813"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00054_000_N00" label="64"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 54 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00055_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501255" identifier="F103527670"> 55 </unitid><unittitle> 1814, nrs. 1-191 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1814"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00055_000_N00" label="65"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 55 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00056_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501256" identifier="F103527671"> 56 </unitid><unittitle> 1815, nrs. 286-1 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1815"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00056_000_N00" label="66"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 56 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00057_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501257" identifier="F103527672"> 57 </unitid><unittitle> 1816, nrs. 1-246 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1816"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00057_000_N00" label="67"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 57 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00058_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501258" identifier="F103527673"> 58 </unitid><unittitle> 1817, nrs. 1-206 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1817"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00058_000_N00" label="68"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 58 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00059_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501259" identifier="F103527674"> 59 </unitid><unittitle> 1818, 1ste semester, nrs. 1-147 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1818"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00059_000_N00" label="69"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 59 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00060_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501260" identifier="F103527675"> 60 </unitid><unittitle> 1818, 2de semester, nrs. 148-344 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1818"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00060_000_N00" label="70"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 60 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00061_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501261" identifier="F103527676"> 61 </unitid><unittitle> 1819, 1ste semester, nrs. 1-153 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1819"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00061_000_N00" label="71"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 61 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00062_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501262" identifier="F103527677"> 62 </unitid><unittitle> 1819, 2de semester, nrs. 154-368 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1819"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00062_000_N00" label="72"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 62 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00063_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501263" identifier="F103527678"> 63 </unitid><unittitle> 1820, 1ste semester, nrs. 369-377, 1-187 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1820"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00063_000_N00" label="73"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 63 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00064_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501264" identifier="F103527679"> 64 </unitid><unittitle> 1820, 2de semester, nrs. 188-453 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1820"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00064_000_N00" label="74"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 64 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00065_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501265" identifier="F103527680"> 65 </unitid><unittitle> 1821, 1ste semester, nrs. 454-460, 1-155 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1821"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00065_000_N00" label="75"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 65 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00066_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501266" identifier="F103527681"> 66 </unitid><unittitle> 1821, 2de semester, nrs. 156-340 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1821"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00066_000_N00" label="76"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 66 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00067_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501267" identifier="F103527682"> 67 </unitid><unittitle> 1822, 1ste semester, nrs. 341-348, 1-169 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1822"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00067_000_N00" label="77"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 67 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00068_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501268" identifier="F103527683"> 68 </unitid><unittitle> 1822, 2de semester, nrs. 170-338 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1822"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00068_000_N00" label="78"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 68 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00069_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501269" identifier="F103527684"> 69 </unitid><unittitle> 1823, 1ste semester, nrs. 340-347, 1-191 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1823"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00069_000_N00" label="79"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 69 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00070_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501270" identifier="F103527685"> 70 </unitid><unittitle> 1823, 2de semester, nrs. 191-343 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1823"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00070_000_N00" label="80"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 70 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00071_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501271" identifier="F103527686"> 71 </unitid><unittitle> 1824, 1ste semester, nrs. 344-348, 1-118 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1824"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00071_000_N00" label="81"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 71 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00072_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501272" identifier="F103527687"> 72 </unitid><unittitle> 1824, 2de semester, nrs. 119-259 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1824"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00072_000_N00" label="82"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 72 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00073_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501273" identifier="F103527688"> 73 </unitid><unittitle> 1825, 1ste semester, nrs. 1-144 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1825"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00073_000_N00" label="83"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 73 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00074_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501274" identifier="F103527689"> 74 </unitid><unittitle> 1825, 2de semester, nrs. 145-276 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1825"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00074_000_N00" label="84"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 74 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00075_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501275" identifier="F103527690"> 75 </unitid><unittitle> 1826, 1ste semester, nrs. 277-280, 1-198 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1826"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00075_000_N00" label="85"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 75 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00076_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501276" identifier="F103527691"> 76 </unitid><unittitle> 1826, 2de semester, nrs. 199-377 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1826"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00076_000_N00" label="86"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 76 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00077_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501277" identifier="F103527692"> 77 </unitid><unittitle> 1827, 1ste semester, nrs. 378-386, 1-161 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1827"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00077_000_N00" label="87"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 77 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00078_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501278" identifier="F103527693"> 78 </unitid><unittitle> 1827, 2de semester, nrs. 162-345 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1827"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00078_000_N00" label="88"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 78 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00079_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501279" identifier="F103527694"> 79 </unitid><unittitle> 1828, 1ste semester, nrs. 1-199 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1828"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00079_000_N00" label="89"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 79 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00080_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501280" identifier="F103527695"> 80 </unitid><unittitle> 1828, 2de semester, nrs. 200-405 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1828"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00080_000_N00" label="90"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 80 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00081_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501281" identifier="F103527696"> 81 </unitid><unittitle> 1829, 1ste semester, nrs. 406-411, 1-192 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1829"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00081_000_N00" label="91"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 81 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00082_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501282" identifier="F103527697"> 82 </unitid><unittitle> 1829, 2de semester, nrs. 193-351 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1829"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00082_000_N00" label="92"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 82 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00083_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501283" identifier="F103527698"> 83 </unitid><unittitle> 1830, nrs. 352-629 (met minuten van vonnissen). <unitdate normal="1830"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00083_000_N00" label="93"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 83 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00084_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501284" identifier="F103527699"> 84 </unitid><unittitle> 1831, nrs. 161-1, 631-635, 1-86. <unitdate normal="1831"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00084_000_N00" label="94"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 84 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00085_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501285" identifier="F103527700"> 85 </unitid><unittitle> 1832, nrs. 208-1, 1-63. <unitdate normal="1832"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00085_000_N00" label="95"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 85 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00086_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501286" identifier="F103527701"> 86 </unitid><unittitle> 1833, nrs. 373-1. <unitdate normal="1833"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00086_000_N00" label="96"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 86 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00087_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501287" identifier="F103527702"> 87 </unitid><unittitle> 1834, nrs. 351-1. <unitdate normal="1834"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00087_000_N00" label="97"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 87 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00088_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501288" identifier="F103527703"> 88 </unitid><unittitle> 1835, nrs. 349-1. <unitdate normal="1835"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00088_000_N00" label="98"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 88 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00089_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501289" identifier="F103527704"> 89 </unitid><unittitle> 1836, nrs. 230-1. <unitdate normal="1836"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00089_000_N00" label="99"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 89 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00090_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501290" identifier="F103527705"> 90 </unitid><unittitle> 1837, nrs. 310-1. <unitdate normal="1837"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00090_000_N00" label="100"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 90 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00091_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501291" identifier="F103527706"> 91 </unitid><unittitle> 1838, nrs. 1-262. <unitdate normal="1838"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00091_000_N00" label="101"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 91 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00092_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501292" identifier="F103527707"> 92 </unitid><unittitle> 1839, nrs. 1-250. <unitdate normal="1839"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00092_000_N00" label="102"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 92 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00093_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501293" identifier="F103527708"> 93 </unitid><unittitle> 1840, nrs. 1-250. <unitdate normal="1840"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00093_000_N00" label="103"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 93 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00094_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501294" identifier="F103527709"> 94 </unitid><unittitle> 1841, nrs. 279-1. <unitdate normal="1841"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00094_000_N00" label="104"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 94 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00095_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501295" identifier="F103527710"> 95 </unitid><unittitle> 1842, nrs. 565-1. <unitdate normal="1842"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00095_000_N00" label="105"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 95 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00096_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501296" identifier="F103527711"> 96 </unitid><unittitle> 1843, nrs. 248-1. <unitdate normal="1843"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00096_000_N00" label="106"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 96 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00097_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501297" identifier="F103527712"> 97 </unitid><unittitle> 1844, nrs. 1-245. <unitdate normal="1844"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00097_000_N00" label="107"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 97 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00098_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501298" identifier="F103527713"> 98 </unitid><unittitle> 1845, nrs. 1-219. <unitdate normal="1845"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00098_000_N00" label="108"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 98 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00099_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I11631311501299" identifier="F103527714"> 99 </unitid><unittitle> 1846, nrs. 1-266. <unitdate normal="1846"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00099_000_N00" label="109"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 99 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00100_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012100" identifier="F103527715"> 100 </unitid><unittitle> 1847, nrs. 1-305. <unitdate normal="1847"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00100_000_N00" label="110"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 100 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00101_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012101" identifier="F103527716"> 101 </unitid><unittitle> 1848, nrs. 1-226. <unitdate normal="1848"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00101_000_N00" label="111"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 101 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00102_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012102" identifier="F103527717"> 102 </unitid><unittitle> 1849, nrs. 1-354. <unitdate normal="1849"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00102_000_N00" label="112"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 102 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00103_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012103" identifier="F103527718"> 103 </unitid><unittitle> 1850, nrs. 1-317. <unitdate normal="1850"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00103_000_N00" label="113"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 103 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00104_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012104" identifier="F103527719"> 104 </unitid><unittitle> 1851, nrs. 1-274. <unitdate normal="1851"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00104_000_N00" label="114"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 104 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00105_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012105" identifier="F103527720"> 105 </unitid><unittitle> 1852, nrs. 1-291. <unitdate normal="1852"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00105_000_N00" label="115"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 105 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00106_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012106" identifier="F103527721"> 106 </unitid><unittitle> 1853, nrs. 1-333. <unitdate normal="1853"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00106_000_N00" label="116"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 106 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00107_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012107" identifier="F103527722"> 107 </unitid><unittitle> 1854, nrs. 1-414. <unitdate normal="1854"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00107_000_N00" label="117"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 107 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00108_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012108" identifier="F103527723"> 108 </unitid><unittitle> 1855, nrs. 1-454. <unitdate normal="1855"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00108_000_N00" label="118"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 108 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00109_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012109" identifier="F103527724"> 109 </unitid><unittitle> 1856, nrs. 1-439. <unitdate normal="1856"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00109_000_N00" label="119"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 109 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00110_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012110" identifier="F103527725"> 110 </unitid><unittitle> 1857, nrs. 1-453. <unitdate normal="1857"/></unittitle><physdesc> De documenten 31 tot 110 bevinden zich in 76 pakken en 4 delen. </physdesc><note id="F_00110_000_N00" label="120"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 110 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c></c><c level="subseries" id="SB_000010" otherlevel="L_3"><did><unitid> 111 - 114 </unitid><unittitle> Processen-verbaal van openbare verkopen, 1854-1857. </unittitle></did><c level="file" id="F_00111_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012111" identifier="F103527726"> 111 </unitid><unittitle> 1854. <unitdate normal="1854"/></unittitle><physdesc> 1 deel </physdesc><note id="F_00111_000_N00" label="121"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 111 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00112_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012112" identifier="F103527727"> 112 </unitid><unittitle> 1855. <unitdate normal="1855"/></unittitle><physdesc> 1 deel </physdesc><note id="F_00112_000_N00" label="122"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 112 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00113_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012113" identifier="F103527728"> 113 </unitid><unittitle> 1856. <unitdate normal="1856"/></unittitle><physdesc> 1 deel </physdesc><note id="F_00113_000_N00" label="123"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 113 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c><c level="file" id="F_00114_000" otherlevel="L_4"><did><unitid id="I116313115012114" identifier="F103527729"> 114 </unitid><unittitle> 1857. <unitdate normal="1857"/></unittitle><physdesc> 1 deel </physdesc><note id="F_00114_000_N00" label="124"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — 114 (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c></c></c></c><c level="series" id="S_000006" otherlevel="L_1"><did><unittitle> III. STRAFZAKEN </unittitle></did><c level="file" id="F_empty" otherlevel="L_2"><did><unitid id="I116313115012999999000003" identifier="F"/><unittitle> zie archief van de Politierechtbank te Antwerpen (1798-1949). <unitdate normal=""/></unittitle><note id="F_empty_N00" label="125"><p>(1) De stad Antwerpen bestond bij de oprichting van de gerechtelijke kantons, op 25 pluviôse jaar X (14 februari 1802), uit vier gerechtelijke kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord), Antwerpen tweede kanton (Oost), Antwerpen derde kanton (Zuid) en Antwerpen vierde kanton (West). De voorloper van deze gerechtelijke kantons was de kantonmunicipaliteit Antwerpen, opgericht bij Besluit van 14 fructidor jaar III (31 augustus 1795)(2). Vijf verkozen vrederechters waren toen bevoegd voor een "section" of wijk(3). Antwerpen eerste kanton (Noord) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Mechelse Poort" en de "Kipdorp-Poort") en de gemeenten Deurne en Borgerhout. Antwerpen tweede kanton (Oost) omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen de "Kipdorp-Poort" en de "Slijkpoort", en het deel links van de Dam) en de gemeente Merksem. Antwerpen derde kanton (Zuid) omvatte een deel van de stad Antwerpen en de gemeente Berchem. Antwerpen vierde kanton (West), tenslotte, omvatte een deel van de stad Antwerpen (het deel tussen Kiel en Austruweel) en de gemeente Austruweel. De vier kantons werden bij het Besluit van het Voorlopig Bewind van 11 januari 1831 herleid tot twee kantons: Antwerpen eerste kanton (Noord) en Antwerpen tweede kanton (Zuid). Antwerpen eerste kanton (Noord) werd gevormd door het opgeheven tweede kanton en het opgeheven vierde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten noorden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeenten Austruweel, Borgerhout, Deurne en Merksem. Antwerpen tweede kanton (Zuid) werd gevormd door het opgeheven eerste kanton en het opgeheven derde kanton en omvatte het deel van de stad Antwerpen ten zuiden van de lijn "Poort Borgerhout-Schelde" en de gemeente Berchem. Bij de Wet van 30 december 1883 (B.S. 4 januari 1884) werd een derde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen derde kanton omvatte de gemeenten Hoboken en Berchem. Deze laatste gemeente behoorde voorheen tot Antwerpen tweede kanton. Op hetzelfde ogenblik werd de gemeente Deurne overgeheveld van Antwerpen eerste kanton naar Antwerpen tweede kanton en werd de gemeente Borgerhout opgesplitst over de twee eerste kantons. Bij de Wet van 18 augustus 1887 (B.S. 26 augustus) werden de gemeenten Berchem, Borgerhout, Deurne en Merksem overgeheveld naar het kanton Borgerhout. Een vierde Antwerps kanton werd opgericht bij de Wet van 2 oktober 1913 (B.S. 8 oktober). Daarnaast werd de gemeente Austruweel van Antwerpen eerste kanton naar het kanton Ekeren overgeheveld. Op 31 maart 1923 werden de gemeenten Burcht en Zwijndrecht overgeheveld naar Antwerpen vierde kanton. Hetzelfde gebeurde met de gemeenten Austruweel, Oorderen en Wilmarsdonk, bij de Wet van 22 maart 1929 (B.S. 25/26 maart), en met de gemeenten Berendrecht, Lillo en Zandvliet, op 22 maart 1958. Op 1 november 1970 (Wet van 17 juli 1967, houdende het Gerechtelijk Wetboek) tenslotte, werden een vijfde Antwerps kanton en een zesde Antwerps kanton opgericht. Antwerpen zesde kanton omvatte de gemeente Wilrijk. Het archief dat in deze inventaris wordt beschreven, omvat uitsluitend stukken betreffende burgerlijke zaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton. Voor de bescheiden over strafzaken, gevormd door het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton alsook voor het archief van de Politierechtbank van Antwerpen (opgericht op 2 oktober 1913 (B.S., 8 oktober)), dient de inventaris van A. Jamees te worden geraadpleegd(4). Deze inventaris vermeldt de volgende reeksen: registers van uitgaande briefwisseling (1897- 1919), minuten van vonnissen (jaar VI-1934), vonnisregisters (1874-1896) en tabellen van vonnissen (1897-1913), zittingsregisters (1892-1925), alfabetische indices op minuten van vonnissen (1913-1934) en op zittingsregisters (1895-1924). Het archief van het Vredegerecht van Antwerpen tweede kanton werd in 1958 overgedragen aan het Rijksarchief Antwerpen. In februari 1989 verhuisde dit archief naar het Rijksarchief Beveren. De belangrijkste reeksen worden gevormd door de zittingsbladen (jaar XI-1857), de minuten van akten (jaar VI-1857) en de minuten van vonnissen (jaar VI-1830). De omvang van de bescheiden bedraagt 5,735m en als toegang was een inventaris van A. Bousse voorhanden.</p><p>(2) Pasin., 1ste reeks, dl. VII, p. VI-VIII. (3) Recueil des arrêtés, Brussel, jaar III, p. 224. (4) A. JAMEES, Inventaris van de archieven van de Politierechtbank van Antwerpen (1798-1949). Bij de oprichting van de Politierechtbank van Antwerpen werden de minuten van vonnissen in strafzaken en de vonnisregisters, voortgebracht door de Vredegerechten van Antwerpen, overgebracht naar de griffie van de Politierechtbank van Antwerpen.</p></note><physloc>512 — R170A — (Rijksarchief te Beveren)</physloc></did></c></c><c level="series" id="S_000007" otherlevel="L_1"><did><unittitle> IV. GERECHTELIJKE POLITIE </unittitle></did></c></c></dsc><descgrp><processinfo><p><extptr href="https://agatha.arch.be/data/ead/BE-A0512_116313_115012/annexes/EP2682.pdf" role="publication"/></p></processinfo></descgrp></archdesc></ead>
